martijnenelise.reismee.nl

Krumbach

Weer super leuk om jullie reacties te lezen! Het heeft even geduurd maar hier het vervolg van onze reis.

Op dinsdag reizen we in een uurtje naar Krumbach. De camping in Odenwald valt een beetje tegen, maar het is te warm weer om nog iets anders te gaan zoeken. Bovendien hebben we een zwembad en een bos voor de deur dus dat zou voldoende moeten zijn. Gewoon in het wild kamperen kan natuurlijk ook, maar stroom en sanitair zijn toch wel erg fijn bij meer dan 30 graden. De douche in de camper is een optie, maar deze is in hobbit formaat. Ik heb in ieder geval geen zin om bij thuiskomst daar nog lang op te moeten boenen.

De douche grenst aan het kingsize bed dat prima voldoet overigens! Dat bed is echt fantastisch en groter dan ons bed thuis!

De camping staat vooral vol met vaste staanplaatsen en wij als kortkampeerders mogen helemaal achterin recreëren. We hebben de luifel aan de zonkant geplaatst onervaren als we zijn, maar het is hier zo rustig dat we onze ligstoelen en tafel op een plekje aan de overkant onder een boom zetten zodra de zon op ons eigen ‘terras’ brandt.

We fietsen na aankomst in 5 minuten het dorp in naar de plaatselijke supermarkt. Bij ons in Nederland zie je deze kleine winkeltjes bijna niet meer. We slaan wat frischkäse in en een komkommer. De broodjes laat ik links liggen, want de eigenaar pakt ze met blote handen in voor de klant voor ons en zit daarna aan zijn haar en aan het geld. Jammer dat ik toch altijd overal van bewust ben. We fietsen nog even de ‘berg’ op naar de kerk op het hoogste punt in het dorp om een berichtje naar huis te kunnen sturen. We hebben geen internet en zelfs het mobiele netwerk laat het afweten. Toch handig om thuis even te laten weten waar we zitten.

Nu is het tijd om echt te kamperen. We flansen zoals gezegd een Griekse salade in elkaar die verrukkelijk smaakt onder de late zomerzon!

Dan trekken we onze wandelschoenen aan en lopen het bos in achter de camping. We doen een klein rondje waarbij ik de rugtas met 2 liter water omslinger. Martijn kijkt me vol verbazing aan.

s Als we er genoeg van hebben fietsen we even later naar het zwembad. Het water is niet verwarmd maar we zijn zo verhit dat we er toch lekker in plonzen. Er zwemt een oude man baantjes. Wat zit er toch op zijn grijze haar? Ik kijk nog eens goed en ontwaar een enorme libelle op zijn hoofd. Het insect blijft zeker 3 baantjes zitten en de man heeft duidelijk geen idee. Tenzij het zijn huisdier is, maar ik heb nooit eerder vernomen van een band tussen mens en libelle.

Als het avond wordt koken we ons potje rode kool met gebakken aardappeltjes en spek. Smaakt prima met een flesje Merlot malbec. Ik weet niet of Rudolf dit ook onder zijn makkelijke maaltijd schaart, maar het is in no time klaar en er is weinig afwas. We buiken lekker uit met onze boekjes onder de boom.

Woensdag staan we om 07.00 uur alweer naast ons bed. Lekker ontspannen maken we ons ontbijtje en pakken daarna de fiets naar het kerkje in het dorp. Een flinke klim gevolgd door een wandeling van 6,5 km door het vlakbij gelegen dorpje. Niet al te ver, maar met die hitte prima. De rest van de dag brengen we weer ontspannen door onder de ruisende berkenbomen.

We zijn deze vakantie nog geen enkele keer uit eten geweest dus daar gaan we vanavond verandering in brengen. Ssssssssnitsels!!!

Richting Heidelberg

Heute, reisetag. Mijn personal reisleidster heeft het plan opgevat om cultureel te doen en naar universiteitsstad Heidelberg te gaan. “Want daar is het zulk mooi weer en blijft het de komende dagen het langst prachtig weer” aldus mijn personal reisleidster. Kleinigheidje, met 30 graden plus door een stad laufen……. Enfin, dat is voor later.

De rit begint, na een soepele start routineus in en rondom de camper, gelijk met een leuk bergachtig klimmend weggetje. Na ongeveer 300 meter, in een dorpje, kunnen we niet verder, want er zijn twee jongens aan het laden (of lossen) en hoe goed ze hun bus ook langs de kant geparkeerd hebben, wij kunnen daar echt niet langs. En ik kan ook niet voor of achteruit, tenminste niet zonder dat het heel spannend wordt. En voor de goede orde, aan de andere kant kwam een Duitser met z’n pkw aanrijden en die wilde er ook niet langs, dus het ligt niet aan stuur kunsten of ruimtelijk inzicht. Verder is rijden met zo’n groot apparaat eigenlijk best eenvoudig. De luxe van automaat helpt daar ook zeker aan mee.

De rest van de reis verloopt voorspoedig ook als we gelijk al geconfronteerd worden met 10 haarspeldbochten. Net voor 12 uur komen we al aan op onze volgende bestemming, een dorpje met camping aan de Neckar nét voorbij Heidelberg.

2 Km voor de camperplaats/camping is een supermarkt en daar fietsen we al zingend heen. We kopen wat sla en toebehoren en peddelen terug.

Na de lunch zoek ik mijn sleutels. Shit, kan de fietsslotsleutels niet vinden! Uit m’n zak gevallen? Waar dan? Na een speurtocht vooral rónd de camper besluit ik de rit terug te fietsen flink op de weg te loeren en eventueel na te vragen bij de supermarkt of er sleutels gevonden zijn.

Heen en terug, niks! Toch nog een keer mijn gangen nagaan….. en levert niks op. Kan het niet uitstaan en loop de camper in om de autosleutels weg te leggen, wat ligt daar?

Ga het niet eens meer uitspreken…

De rest van de dag relaxen we onder de luifel met een boekje en wat lekkers te drinken… En mijn personal reisleidster besluit dat het misschien niet het meest handige moment voor een cultureel stadsbezoek is met gevoelstemperatuur 34. We kunnen altijd later in de week nog even die kant op. We kijken wat er in de buurt is, goh een heel groot natuurgebied genaamd Odenwald (https://nl.wikipedia.org/wiki/Odenwald). Staan we al (bijna) in. Een volgend adres is snel gevonden, zelfs met zwembad! Dat wordt het plan voor morgen. Herrlich!

Cochem aan de Moezel

Zondag komt de zon nog niet echt door maar de temperatuur loopt al vrij vlot flink op. Martijn is al om 08.00 uur op de fiets gesprongen om broodjes, vuilniszakken en wc-papier te halen in het dorp 3 km verderop.

De ochtend besteden we in onze luie ligstoelen voor de camper. Met één oog op de e-reader en met het andere oog op de motorrijders die hun kampeerspullen opvouwen tot minuscule pakketjes. Dat is pas pielen op de vierkante centimeter!

Pas na de lunch die bestond uit druiven, dadels met kaas en soep pakken we om half 2 de mountainbikes om een stuk te gaan fietsen. Het reisdoel is Cochem maar dat ligt zo’n 20 km verderop. Ik verwacht niet dat ik die afstand haal omdat ik nauwelijks fiets en straks ook nog terug moet, maar in het grootste verzet vlieg ik over het asfalt langs de Moezel.

Geen stoplichten of ander oponthoud dus de snelheid blijft er lekker in. We rijden door het wijngebied en passeren grappige dorpjes met karaktervolle huizen. Martijn grapt dat ik op Mark lijk die ook in een enorm zwaar verzet fietst. Ik denk dat het vergelijk daar wel volledig ophoudt, want ik piep na 10 km al over zadelpijn. Na ruim een uur zijn we al in Cochem. Dat ging als een speer. Even een krentenbolletje verorberen en dan door naar het centrum.

Het is een ontzettend toeristisch stadje, maar wel grappig. Tijd om lekker te shoppen voor een mooie tas, want ik heb er laatst weer een paar weggedaan. De lege plekken aan de kapstok moeten dringend opgevuld worden. Mijn oog valt zoals altijd weer op een tas van 200 euro. Dan maar een terrasje pakken want dat wordt te gortig.

We delen een salade met gegrilde kip en vinden dat we goed bezig zijn. Tot we even later langs een ijssalon lopen waar ze grote ijscoupes verkopen. Ik kijk Martijn smekend aan, maar hij is onverbiddelijk. We gaan naar binnen! Ik zucht als ik even later achter een grote ijscoupe zit. Al dat fietsen en salades eten weer voor niets. Maar 1 blik op Martijn en ik geniet van zijn blije gezicht. Life is good!

Moezel

Om half 8 staan we op en al met al duurt het 2 uur voor we vertrekken. We eten havermoutpap en wassen het boeltje af. Wel een gepiel op de vierkante meter. We poedelen ons wat in de camper met van die speciale vochtige washandjes van de Ac-tijon. Dan doen we de checklist en rijden weg… toch nog een raampje vergeten dicht te doen. Het valt niet mee voor ons luie, verwende hotelbezoekers, maar het komt vast allemaal goed als we straks heerlijk ons campertje parkeren aan de Moezel.

Het is retedruk op de weg. Ons reisdoel ligt op zo’n 3 uur tuffen. We doen er echter ruim 4 uur over. Al die tijd met dat mooie weer in de camper. Uh… waarom was dit ook alweer zo leuk? De eerste paar camperplaatsen rond Cochem zijn bezet. Terwijl we niet eens heel laat zijn. Steeds verder zakken we af. Als we dan eindelijk een camping vinden die plek heeft boeit het ons niet eens te horen dat er die avond een live band speelt tot 1 uur vannacht en dat er zo’n 250 motorrijders vandaag neerstrijken. We staan en we mogen eindelijk naar buiten! Het is meer dan 30 graden dus tijd om de luifel uit te schuiven alwaar de zon vrolijk onderdoor piept. Gelukkig is achter de camper wel schaduw. Dan gaan we op zoek naar een supermarkt. Want die boodschappen hebben we nog steeds niet gedaan. Maar wat schetst onze verbazing, de supermarkt is al om 14.00 uur dichtgegaan en op zondag is ook niets open. Gelukkig heeft de campingbeheerder wel flessen water te koop dus dat kunnen we alweer afstrepen. Het water uit de kraan heeft toch een bijsmaakje. Na wat gemopper van mijn kant waarbij ik me oprecht afvraag of dit hele camper gedoe wel iets voor me is stappen we op onze mountainbikes en rijden een paar km langs de Moezel naar het volgende plaatsje. Snel is al het ongemak vergeten, want wat zalig is het op de fiets met de wind door je haren! Het vrije vakantiegevoel kan eindelijk landen. In een heel schattig dorpje (Ediger-Eller) strijken we neer op het terras en bestellen Federweisser met zwiebelkuchen. Jonge wijn die nog niet helemaal gefermenteerd is en alleen in het naseizoen aan de Moezel wordt geschonken. Pas als we aan de uientaartjes zitten denken we aan de komende nacht in de kleine camper. We kunnen straks de gasfles bijvullen vermoed ik.

Als we terugkomen op de camping staat het al behoorlijk vol met motorrijders en kleine tentjes. Allemaal uit Limburg. Motoren in alle soorten en maten blinken in de zon. We bekijken het zo eens vanuit onze luie ligstoelen tot het tijd is om te gaan koken.

Soep met broodjes… ons eerste campingmaal ooit samen. Grinnikend proosten we met onze blikjes bier. Als om 20.00 uur de avond valt klinken de eerste blues geluiden al. Straks maar eens een dansje wagen ;-)

Lathum, Gelderland

Heel Nederland maakt zich op voor een indian summer en wij? Wij vertrekken vandaag voor het eerst met een camper naar het mooie weer. Dat hoeft dus niet ver te zijn ;-) met temperaturen rond de 30 graden.

Om kwart voor 1 stappen we in onze auto naar Baak om onze Silver Sun op te halen. Ik kies voor de kortste route en zodra we in de buurt van Baak komen worden de wegen steeds smaller tot we een bocht om rijden en een bordje veerpont zien. O nee hè daar hadden we geen rekening mee gehouden. Gelukkig staat het veer aan deze kant van de rivier en is er precies 1 plekje voor onze auto vrij. Nou is ons vakantie avontuur toch echt begonnen. Precies op tijd zijn we in Baak voor een uitgebreid instructierondje. De camper is prachtig en groot. Vooral heel groot!

Fijn om zo hoog te zitten en hij veert lekker. Om half 4 zijn we in Apeldoorn om de boel in te laden, want we willen gelijk vandaag nog weg. Als een dolle gaan we tekeer. En tegen half zes zijn we klaar. Onderweg ontdekken we dat we in de haast niet hadden nagedacht over rondvliegende spullen. Dat moeten we dus gelijk even fixen. Alles moet echt vast staan. Ook zo gehaast weggaan is eigenlijk niet slim, want we zijn alweer zaken vergeten zodat we morgen langs een supermarkt moeten.

We rijden eerst langs Zevenaar om iets weg te brengen en op te halen en dan ontdekken we dat het al bijna donker wordt en in het donker wil je niet op zoek naar een camperplek. Paul oppert de jachthaven van Lathum en dat wordt onze eerste bestemming. We vinden een mooi plekje aan het water en worden gelijk aangesproken door onze Belgische buren. Een vriendelijk echtpaar. Meneer is erg behulpzaam maar kletst ook graag terwijl onze magen nog veel harder tegen ons knorren. We verontschuldigen ons gauw want we willen eerst een hapje eten bij een prachtig ondergaande zon.

En dan breekt een nieuw avontuur aan…het slapen in de camper. Bij elke draai van Martijn wiebel ik mee en dan dat keiharde gestage getik de hele nacht. Zelfs door mijn oordoppen heen. Om kwart voor 3 gaat Martijn toch maar even polshoogte nemen. Ik hoor hem buiten grinniken. Dauwdruppels zijn het die steeds maar weer op de bumper vallen. Met een doekje is het gauw gefixt. Nu begrijp ik ook dat camperen nooit saai is.

Kopfsee het laatste rondje

Terwijl de vogels nog amper de zandkorrels uit de ogen fladderen zijn wij al op pad. We rijden opnieuw de Hochalpenstrasse op omdat het vandaag kraakhelder weer is. Dat wat we gisteren niet hebben kunnen zien door de laaghangende wolken laat zich nu in volle glorie zien. De alpen rekken zich uit links en rechts van ons. Je kunt je niet anders dan nietig voelen in dit immense berglandschap dat al sinds mensenheugenis zo gevormd is. De witte kragen van de versgevallen sneeuw steken prachtig af tegen de donkerblauwe hemel. Er zijn 34 haarspeldbochten die Martijn met onze kleine Mito zonder moeite een voor een aftikt. Hij rijdt zalig rustig om ongestoord te kunnen genieten van het natuurgeweld. De hoogste bergtop, de Piz Buin is vanaf de Bielerhöhe goed te zien. Meer dan 3,3 km steekt deze gigant de lucht in. We slingeren het dal in richting Galtür waar koeien en paarden grazen op onmogelijke plekken. Het lijken wel klimgeiten. Bij de Kopfsee maken we een heerlijke wandeling. Overal is de lupine te zien, maar deze prachtige bloemen zijn door de hevige sneeuw en regenval gebogen als oude vrouwtjes. Een enkele bloem staat nog fier overeind en deze dienen als kleurrijke voorgrond tegen het turquoise blauwe stuwmeer en geven de foto’s wat extra diepte.

Het pad slingert langs het meer tussen heerlijk zoet ruikende naaldbomen door. De stenen en takken zijn aangekleed met zacht groen mos. Overal stromen watertjes en groeien varens. Het doet denken aan Lord of the Rings. Vissers staan hier en daar hun hengels uit te zwaaien. Het laatste stuk voert over de stuwdam. Een behoorlijk lange wandeling over een smal pad met links het diepe dal met de bergtoppen in de verte en rechts de Kopfsee. Als we aan de overkant zijn kunnen we pas zien hoe hoog deze stuwwand nou eigenlijk is. Als ik dat had geweten had ik het waarschijnlijk nooit durven oversteken. Vanaf een hotel in de directe omgeving hebben we een adembenemend mooi uitzicht over de omgeving en het meer. We drinken een warm bakkie thee en koffie en prijzen onszelf gelukkig.

Dit is toch wel een waardig afscheid van een bijzonder mooie reis die we iedereen kunnen aanbevelen. Terug in Gaschurn gaan we voor de laatste maal naar het hoogste bergstation om afscheid te nemen van de bergen. Je hoeft echt niet ver te reizen voor zoveel natuurschoon. Slechts 825 km en je bent letterlijk in de hemel.

Sneeuwpop op de Silvretta Hochalpenstrasse

Het slechte weer blijft nog een tijdje aanhouden. Er wordt zelfs gerept over eventuele sneeuwval woensdag op donderdag nacht vanaf zo’n 1800 meter!

In elk geval deze ochtend geen énkele reden om weer zo vroeg er uit te hoeven. Tenzij je lekkere bruine broodjes bij het ontbijt mee laat tellen natuurlijk…

De gordijnen open doen is ’s ochtends altijd leuk, want je heb hier een machtig bergzicht, maar nu zijn we toch ook benieuwd of er sneeuw te bekennen valt. En ja hoor Elise roept dat er net een randje wit zichtbaar is bovenin. We gaan gelijk de webcam van Nova Stoba erbij zoeken (het bergstation van de bergbahn voor onze deur) en daar is het helemaal weiss!!

Maar goed, beneden in het dal is het regen, regen en regen. Dus rustig aan ontbijten, lekker relaxen daarna met een bakkie thee op de kamer en al lezend en app’end wachten tot het hier ook wat opklaart. Ik bedoel, best leuk ‘outdoor’ kleding, maar een mens hoeft het niet persé te overdrijven op zijn of haar vakantie.

Als de regen hier eindelijk tot een bijna nihil druilertje is gereduceerd stappen we de gondel in richting de top. Op naar de sneeuw ;-) Boven is het lekker koud, jammer genoeg ook wel ontzettend mistig maar wat grappig, al die sneeuw! Er ligt wel een laag van zo’n 15 centimeter.

De nóg jongere mensen hier boven doen nog een klein sneeuwbalgevechtje, maar die waren ook zo slim handschoenen mee te nemen en aan te trekken.

Wij settelen ons in de stube van het restaurant en bestellen allerlei lekkers om onze wintersportdag te vieren. We pakken zo in één vakantie toch mooi alle weertypen mee!!

Ik vraag nog aan de ober of dit nou speciaal is, zo sneeuw op 14 juli en hij antwoordt ‘das passiert oft’ Vrij vertaald, dat gebeurt wel vaker dus. Later als we wat aan het appen zijn met wat vriendjes in Nederland en we hebben het over de sneeuw roept Liekie ‘nou dat werd zelfs nog op het nieuws vermeld, zoveel sneeuw middenin de zomer!’. Wie nu gelijk heeft?

We vinden het geen weer om hier ergens nog naar toe te lopen laat staan naar beneden. Dus we springen mooi de gondel weer in. Beneden besluiten we nog even op pad te gaan naar wat grappige winkeltjes die we eerder langs de weg hebben gezien en daarna begint als we terug bij het hotel zijn zowaar de zon nog even te schijnen! Een mooie afsluiter op ons terras met een boekje en een kopje thee.

Oké, we zijn in het gebied Montafon en deze heeft ook een ‘maut’ Hochalpenstrasse. Maar die maut zit mooi inbegrepen in onze all-in card, lucky us. Goed, vrijdag rijden we dus die 34 haarspeldbochten omhoog naar de Bielerhöhe. Op het hoogste punt van deze Strasse liggen een stuwmeer Silvretta staussee, twee restaurants waarvan 1 een Berggasthof Piz Buin is, een baustelle en een hoop sneeuw. Oh en als je door zou rijden weer naar unten aan de andere kant kom je in het Patznauntal uit waar onder andere Ischl en zo ligt.

Het weer zit in het begin nog niet helemaal mee, koud en nat, maar ook in Oostenrijk bestaat het gezegde ‘Er bestaat geen slecht weer, alleen slechte… (kleding of vul hier je ding maar in). Bovenin zit alles nog potdicht, maar de Weatherpro en Bergfex vinden toch echt dat elk moment de wereld weer een beetje open kan gaan. Ik bestel maar een bak koffie bij het panorama restaurant aan de StauSee en we wachten op verbetering. En verrek, het gebeurt nog ook! Ineens zon en de mist weg en we zien schitterende bergen, allemaal wit besneeuwd (van gisteren nacht…) rondom ons heen. Gauw jassen aan en we beginnen aan die See-Runde. Dit houdt in een rondje rond het meer. Kost je wel een uurtje of twee, maar dan heb je ook wat. Wat dan? vooral veel foto's eigenlijk en weer een pakje indrukken. Het is hier fris maar fantastisch!

We hebben het wel echt net goed getimed, want op de terugweg langs het meer begint het al weer te sneeuwen en trekt heel de boel weer langzaam behoorlijk potje dicht.

Dus terug bij het panorama restaurant maar weer gelijk de auto in en op het gemakje terug via de 34 haarspeldbochten naar beneden. We pakken een kleine lunch en ’s middags terwijl Elise ligt te tukken op bed duik ik mijn fantasy boek weer in.

Souvenirs en Kaiserschmarren

Trrrrrrrring! De wekker gaat! “We moeten vroeg op staan Tinus!” roep ik enthousiast. Hij kijkt me aan met een slaperig hoofd en zegt niets terug. Dit is zijn normale staat ’s ochtends vroeg en dat mag, maar hij moet wel opstaan, want we moeten elke droge seconde grijpen vandaag. De voorspelling is weer regen vanaf een uur of 11 dus wat mij betreft zitten we om 8 uur aan het ontbijt en staan we om 9 uur bij de bergbaan. Als we een uur later in de lift naar boven zitten zijn we zo’n beetje de enigen die actief zijn. De wolken hangen al deels in het dal. De wandeling vanaf het middelstation naar het dorpje hebben we nog niet gemaakt en lijkt ons lekker makkelijk. Het is zo’n 600 meter dalen over 5 km. tot aan het hotel. Onze knieën en ruggen ten spijt. Al de eerste meters snuiven we de vochtige wolken onze neuzen binnen. Wat zalig en vast ook goed voor de huid die zuivere berglucht. We slingeren langzaam maar gestaag naar beneden en komen nog geen mens tegen. De huizen in het dal zijn piepklein. Speelgoedautootjes rijden rond en de mensen zijn nog te klein om te ontwaren.

Begin van de week hebben we ons laten verleiden tot het kopen van een weekkaart voor 62,00 euro per persoon voor alle bergliften in de Silvretta omgeving. Die kosten moeten we er wel uit zien te halen natuurlijk. Dat zag er even somber uit met die slechte weersvoorspellingen, maar we zitten nu op 40 euro p.p. dus dat biedt hoop.

Na anderhalf uur staan we weer bij ons hotel en pakken de auto naar Schruns. Leuk even het dorp door slenteren en de Intersport in. Dan krijgen we trek in iets zoets. Geen conditorei te vinden! Dan maar terug naar ons hotel. Daar duiken we de kleine donkere maar gezellige stube in voor een bord vol Kaiserschmarren met pruimenmoes. Deze versie bevat ook nog eens rumrozijnen. Niet mijn smaak, maar ik denk dat mijn vader ze heerlijk zou vinden. Het doet me een beetje denken aan malaga ijs. Gelukkig zijn ze er prima uit te peuteren met mijn mes. Na deze machtige lunch strekken we onze benen weer voor een klein tripje naar de overkant.

Daar halen we nog wat souvenirs voor onze ouwelui thuis. Wat dat is is uiteraard nog een verrassing. Martijn stelt voor om een cadeautje voor ons aanstaande achternichtje te kopen die binnenkort het levenslicht zal zien. Slofjes met bont, lekker luchtig, grijns. Toch maar niet. Als we om 14.15 uur ons hotel weer binnen wandelen begint het spontaan te regenen. Goeie timing!